(Sociaal-) emotionele ontwikkeling in beeld

Bij mensen met een verstandelijke beperking is het belangrijk om goed te begrijpen wat iemand kan (het adaptief functioneren) en aankan (de (sociaal-)emotionele ontwikkeling). 

Het is niet helemaal duidelijk hoe deze begrippen zich tot elkaar verhouden. Daarom onderzoeken we hoe adaptief functioneren en (sociaal-)emotionele ontwikkeling samenhangen en welke instrumenten nodig zijn om ze in beeld te brengen.


Samenvatting

  • Wat is de aanleiding voor het onderzoek?

    Bij Alliade worden verschillende instrumenten gebruikt om adaptief functioneren en (sociaal-)emotionele ontwikkeling in kaart te brengen. Sociaal functioneren is één van de onderdelen van adaptief functioneren.

    Adaptief functioneren wordt bij Alliade standaard gemeten met uitgebreide instrumenten. De vraag is dan ook of een apart instrument voor het meten van (sociaal-)emotionele ontwikkeling altijd nodig is. Mogelijk brengen instrumenten voor adaptief functioneren al een groot deel van de informatie over (sociaal-)emotionele ontwikkeling in beeld. Het onderzoek moet duidelijk maken in hoeverre dat het geval is.

    Daarnaast geven begeleiders aan dat de uitkomsten van instrumenten soms lastig te vertalen zijn naar de dagelijkse praktijk. Er is behoefte aan meer handvatten om deze uitkomsten te kunnen gebruiken bij de ondersteuning van mensen met een verstandelijke beperking.

  • Wat zijn de onderzoeksvragen?

    De hoofdvragen zijn:

    • Hoe verhoudt sociaal-emotionele ontwikkeling zich tot emotionele ontwikkeling en adaptief functioneren?
    • Welke instrumenten zijn nodig om de (sociaal-)emotionele ontwikkeling goed in beeld te brengen?
       

    Daarbij kijken de onderzoekers ook naar deze deelvragen:

    • Wat betekenen de begrippen adaptief functioneren, emotionele ontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling, en welke termen passen het beste bij Alliade?
    • Welke instrumenten zijn er om de (sociaal-)emotionele ontwikkeling in kaart te brengen?
    • Is het van meerwaarde om de (sociaal-)emotionele ontwikkeling te meten naast het adaptief functioneren?
    • Als een apart instrument voor (sociaal-)emotionele ontwikkeling nodig is, welk instrument past dan het beste in welke situatie?
  • Wat is de meerwaarde van dit onderzoek voor de cliënt, verwant en zorgmedewerker?

    Het onderzoek helpt om beter te bepalen welke informatie nodig is om een goed beeld te krijgen van iemands functioneren en ontwikkeling. Dat is belangrijk voor de begeleiding. Een beter inzicht in wat iemand kan en aankan, helpt zorgmedewerkers hun ondersteuning beter af te stemmen.

    Voor mensen met een verstandelijke beperking kan dit betekenen dat de begeleiding beter past bij hun ontwikkelingsniveau. Voor verwanten kan dit meer duidelijkheid geven over hoe hun naaste wordt ondersteund en hoe zij zelf met hem of haar kunnen omgaan. Voor zorgmedewerkers kan het onderzoek leiden tot een praktisch hulpmiddel met duidelijke handvatten voor de dagelijkse begeleiding.

  • Hoe wordt het onderzoek uitgevoerd?

    Het onderzoek bestaat uit verschillende stappen. Eerst worden de belangrijkste begrippen uitgezocht, zoals adaptief functioneren en (sociaal-)emotionele ontwikkeling. Daarna wordt gekeken welke Nederlandstalige instrumenten er zijn om dit te meten.

    Uit eerder onderzoek (Ulgiati et al. 2024) is al bekend welke instrumenten voor het meten van adaptief functioneren het meest geschikt zijn. Deze instrumenten worden op itemniveau vergeleken met meetinstrumenten voor (sociaal-)emotionele ontwikkeling. Zo onderzoeken we in hoeverre beide typen instrumenten hetzelfde meten en waar de verschillen zitten. Als blijkt dat instrumenten voor adaptief functioneren al voldoende informatie geven over (sociaal-)emotionele ontwikkeling, is een apart instrument mogelijk niet altijd nodig.

    Als er aspecten van (sociaal-)emotionele ontwikkeling zijn die niet goed in beeld komen met instrumenten voor adaptief functioneren, worden verschillende instrumenten voor (sociaal-)emotionele ontwikkeling verder met elkaar vergeleken. Daarbij wordt gekeken naar onder andere kwaliteit, toepassing in de praktijk en inhoud. Op die manier kan gekeken worden welk instrument het beste past in een bepaalde situatie.

    Tot slot wordt onderzocht hoe de uitkomsten van een passend instrument kunnen worden vertaald naar praktische handvatten voor de dagelijkse begeleiding. Hiervoor wordt een bestaand hulpmiddel gezocht of aangepast, of een nieuw hulpmiddel ontwikkeld.

  • Wat is de stand van zaken?

    Inmiddels is duidelijk hoe adaptief functioneren en (sociaal-)emotionele ontwikkeling zich tot elkaar verhouden.

    Op dit moment worden verschillende instrumenten voor (sociaal-)emotionele ontwikkeling met elkaar vergeleken. Daarbij kijken we naar wat de instrumenten precies meten, hoe goed ze zijn onderzocht en hoe bruikbaar ze zijn in de praktijk. De resultaten vormen de basis voor een onderbouwde keuze van instrumenten en een praktisch hulpmiddel voor de dagelijkse begeleiding.

  • Wat is het vervolg?

    De uitkomsten van het onderzoek worden gebruikt om te onderbouwen welke instrumenten voor (sociaal-)emotionele ontwikkeling het meest geschikt zijn. Op basis daarvan wordt een praktisch hulpmiddel ontwikkeld dat zorgmedewerkers ondersteunt bij de dagelijkse begeleiding.

  • Hoe wordt het onderzoek gefinancierd?

    Het onderzoek wordt gefinancierd door Alliade.

Hoofdgebied
Gehandicaptenzorg
Onderzoekslijn(en)
Gehandicaptenzorg
Projectteam
  • Delen